Overzicht
Engels naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. ambush:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor ambush (Engels) in het Nederlands

ambush:

ambush [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the ambush (trap; stag-evil; noose)
    de hinderlaag; de valstrik; de val
    • hinderlaag [de ~] zelfstandig naamwoord
    • valstrik [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • val [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

ambush werkwoord

  1. ambush (stalk)
    – hunt (quarry) by stalking and ambushing 1
    besluipen; tijgeren; bekruipen
    • besluipen werkwoord (besluip, besluipt, besloop, beslopen, beslopen)
    • tijgeren werkwoord (tijger, tijgert, tijgerde, tijgerden, getijgerd)
    • bekruipen werkwoord (bekruip, bekruipt, bekroop, bekropen, bekropen)
  2. ambush (scupper; ambuscade; bushwhack; )
    – wait in hiding to attack 1
    belagen

Vertaal Matrix voor ambush:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bekruipen coming over; stealing over
besluipen coming over; stealing over
hinderlaag ambush; noose; stag-evil; trap
val ambush; noose; stag-evil; trap crash; decline; decrease; disadvantage; downfall; drawback; fall; landing; ruin
valstrik ambush; noose; stag-evil; trap
- ambuscade; lying in wait; trap
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bekruipen ambush; stalk get the feeling
belagen ambuscade; ambush; bushwhack; lie in wait; lurk; scupper; waylay
besluipen ambush; stalk
tijgeren ambush; stalk
- still-hunt

Verwante woorden van "ambush":

  • ambushing, ambushes

Synoniemen voor "ambush":

  • ambuscade; lying in wait; trap; surprise attack; coup de main
  • scupper; bushwhack; waylay; lurk; ambuscade; lie in wait; wait
  • still-hunt; hunt; run; hunt down; track down

Verwante definities voor "ambush":

  1. the act of concealing yourself and lying in wait to attack by surprise1
  2. wait in hiding to attack1
  3. hunt (quarry) by stalking and ambushing1

Wiktionary: ambush

ambush
noun
  1. a concealed station
  2. a disposition or arrangement of troops for attacking an enemy unexpectedly from a concealed station
ambush
noun
  1. verdekte opstelling vanwaaruit, vooropgezet plan waarmee men iemand onverhoeds wil overvallen

Cross Translation:
FromToVia
ambush hinderlaag embuscade — (term, Guerre) troupe de gens armer qui se cacher pour surprendre les ennemis.