Overzicht

Remove Ads

Engels

Uitgebreide vertaling voor attendance (Engels) in het Nederlands

attendance:

attendance [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the attendance (turnout)
    de opkomst; aantal gekomen personen
  2. the attendance (escort; guidance)
    het geleide; het escorte; volgstoet; de stoet
    • geleide [het ~] zelfstandig naamwoord
    • escorte [het ~] zelfstandig naamwoord
    • volgstoet [znw.] zelfstandig naamwoord
    • stoet [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
  3. the attendance
    de opwachting

Verwante woorden van "attendance":

  • attendances

Synoniemen voor "attendance":


Antoniemen voor "attendance":

  • nonattendance

Verwante definities voor "attendance":

  1. the act of being present (at a meeting or event etc.)1
  2. the number of people that are present1
    • attendance was up by 50 per cent1
  3. the frequency with which a person is present1

Computer vertaling door derden:
Images:

Verwante vertalingen van attendance



Remove Ads

Remove Ads