Overzicht
Engels naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. impartial:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor impartial (Engels) in het Nederlands

impartial:

impartial bijvoeglijk naamwoord

  1. impartial (neutral; undenominational)
    neutraal; onzijdig
  2. impartial (objective; unbiased; neutral)
    objectief; onpartijdig

Vertaal Matrix voor impartial:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
neutraal impartial; neutral; undenominational
objectief impartial; neutral; objective; unbiased
onpartijdig impartial; neutral; objective; unbiased
onzijdig impartial; neutral; undenominational sexless
- unprejudiced
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
- unbiased; unbiassed; unprejudiced

Verwante woorden van "impartial":

  • impartially

Synoniemen voor "impartial":


Antoniemen van "impartial":


Verwante definities voor "impartial":

  1. free from undue bias or preconceived opinions1
    • the impartial eye of a scientist1
  2. showing lack of favoritism1
    • the cold neutrality of an impartial judge1

Wiktionary: impartial

impartial
adjective
  1. treating all parties, rivals or disputants equally
impartial
adjective
  1. geen partij kiezend in een conflict

Verwante vertalingen van impartial