Remove Ads

Frans

Uitgebreide vertaling voor propriété (Frans) in het Nederlands

propriété:

propriété [la ~] zelfstandig naamwoord

  1. la propriété (biens; possession; propriétés; bien)
    de eigendom; de bezittingen; de have; de goederen; het bezit
    • eigendom [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • bezittingen [de ~] zelfstandig naamwoord, mv.
    • have [de ~] zelfstandig naamwoord
    • goederen [de ~] zelfstandig naamwoord, mv.
    • bezit [het ~] zelfstandig naamwoord
  2. la propriété (domaine; terre)
    het landgoed
    • landgoed [het ~] zelfstandig naamwoord
  3. la propriété (caractérisation; caractéristique; particularité; )
    het kenmerk; de eigenschap; de karakterisering; de karakteristiek; de typering
  4. la propriété (trait de caractère; caractéristique; trait; )
    de karakteristiek; de eigenschap; het kenmerk; het stigma; de karaktertrek
  5. la propriété (biens; possession)
    de bezitting
  6. la propriété (domaine; terres)
    het domein
    • domein [het ~] zelfstandig naamwoord
  7. la propriété (propriété à la campagne; domaine; terres)
    het buitengoed
  8. la propriété (aptitude; qualification; opportunité)
    de geschiktheid
  9. la propriété (biens; mobilier; équipement ménager; )
    de boedel; de inboedel; het huisraad
    • boedel [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • inboedel [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • huisraad [het ~] zelfstandig naamwoord
  10. la propriété (fonds de terre; propriété foncière)
    het grondbezit; de grondeigendom; het landbezit; landeigendom
  11. la propriété
    de eigenschap
  12. la propriété

Synoniemen voor "propriété":


Computer vertaling door derden:
Images:

Verwante vertalingen van propriété



Remove Ads

Remove Ads