Remove Ads

Nederlands

Uitgebreide vertaling voor ruw (Nederlands) in het Duits

ruw:

ruw bijvoeglijk naamwoord

  1. ruw (hardhandig; hard; onzacht)
    rauh; wild; grob; rüde; roh; brutal; unzart; gewaltsam; schroff; gewalttätig; unsanft; haarig
  2. ruw (ongetemd; wild; woest; ruig)
    ungebändigt; ungezähmt
  3. ruw (niet glad)
    rauh; borstig
    • rauh bijvoeglijk naamwoord
    • borstig bijvoeglijk naamwoord
  4. ruw (onbewerkt)
    nicht bearbeitet; roh
  5. ruw (grofgebouwd; grof; lomp)
    grob; rüde; ungeschliffen; schroff; derb; schwer

Verwante woorden van "ruw":

  • ruwheid, ruwer, ruwere, ruwst, ruwste, ruwe

Synoniemen voor "ruw":


Antoniemen voor "ruw":


Verwante definities voor "ruw":

  1. in grote lijnen1
    • we hebben een ruwe schatting gemaakt1
  2. met een grof oppervlak1
    • schuurpapier voelt ruw aan1
  3. onbewerkt1
    • ruwe olie1
  4. wild en onstuimig1
    • doe niet zo ruw met die hond1

Computer vertaling door derden:
Images:

Verwante vertalingen van ruw



Remove Ads

Remove Ads