Overzicht
Nederlands naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. dagboek:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor dagboek (Nederlands) in het Spaans

dagboek:

dagboek [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het dagboek (journaal)
    el libro diario; el diario; el telediario; el noticiario
  2. het dagboek (journaal)
    el diario
    • diario [el ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor dagboek:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
diario dagboek; journaal courant; dagblad; journaal; krant; logboek; nieuwsblad; nieuwsjournaal
libro diario dagboek; journaal
noticiario dagboek; journaal filmjournaal; journaal; nieuws; nieuwsbericht; nieuwsjournaal; televisiejournaal
telediario dagboek; journaal journaal; nieuws; nieuwsbericht; nieuwsjournaal; televisiejournaal
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
diario daags; dagelijks; dagelijkse

Verwante woorden van "dagboek":

  • dagboeken, dagboekje, dagboekjes

Wiktionary: dagboek

dagboek
noun
  1. een boek waarin men dagelijks zijn wederwaardigheden neerschrijft

Cross Translation:
FromToVia
dagboek diario diary — daily log of experiences
dagboek diario; periódico; gaceta; revista journaldocument qui recenser par ordre chronologique les événements pour une période donnée.