Overzicht
Nederlands naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. perfectioneren:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor perfectioneren (Nederlands) in het Spaans

perfectioneren:

perfectioneren werkwoord (perfectioneer, perfectioneert, perfectioneerde, perfectioneerden, geperfectioneerd)

  1. perfectioneren (vervolledigen; completeren; voltooien; )
    completar; complementar; terminar
  2. perfectioneren (bijschaven)
    perfeccionar; refinar; igualar; abrillantar

Conjugations for perfectioneren:

o.t.t.
  1. perfectioneer
  2. perfectioneert
  3. perfectioneert
  4. perfectioneren
  5. perfectioneren
  6. perfectioneren
o.v.t.
  1. perfectioneerde
  2. perfectioneerde
  3. perfectioneerde
  4. perfectioneerden
  5. perfectioneerden
  6. perfectioneerden
v.t.t.
  1. heb geperfectioneerd
  2. hebt geperfectioneerd
  3. heeft geperfectioneerd
  4. hebben geperfectioneerd
  5. hebben geperfectioneerd
  6. hebben geperfectioneerd
v.v.t.
  1. had geperfectioneerd
  2. had geperfectioneerd
  3. had geperfectioneerd
  4. hadden geperfectioneerd
  5. hadden geperfectioneerd
  6. hadden geperfectioneerd
o.t.t.t.
  1. zal perfectioneren
  2. zult perfectioneren
  3. zal perfectioneren
  4. zullen perfectioneren
  5. zullen perfectioneren
  6. zullen perfectioneren
o.v.t.t.
  1. zou perfectioneren
  2. zou perfectioneren
  3. zou perfectioneren
  4. zouden perfectioneren
  5. zouden perfectioneren
  6. zouden perfectioneren
en verder
  1. is geperfectioneerd
  2. zijn geperfectioneerd
diversen
  1. perfectioneer!
  2. perfectioneert!
  3. geperfectioneerd
  4. perfectionerend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Vertaal Matrix voor perfectioneren:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
completar aanvullen
terminar afmaken; afwerken; afwikkelen; uitpraten; uitpraten tot het eind; uitspreken; zaakafwikkeling
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
abrillantar bijschaven; perfectioneren fonkelen; gladmaken; gladwrijven; glimmen; glinsteren; opblinken; opdirken; opdoffen; oppoetsen; optutten; opwrijven; poetsen; politoeren; uitdossen; wrijven
complementar afmaken; completeren; perfectioneren; vervolledigen; vervolmaken; volledig maken; voltooien compleet maken; completeren; vervolledigen; volledig maken
completar afmaken; completeren; perfectioneren; vervolledigen; vervolmaken; volledig maken; voltooien aanvullen; afkrijgen; afmaken; afronden; afsluiten; afwerken; beëindigen; compleet maken; completeren; een einde maken aan; eindigen; klaarkrijgen; klaarmaken; ophouden; stoppen; toevoegen; vervolledigen; volbrengen; volledig maken; volmaken; voltallig maken; voltooien
igualar bijschaven; perfectioneren afstompen; effenen; egaliseren; evenaren; fonkelen; gelijk trekken; gelijkkomen; gelijkmaken; gladmaken; glimmen; glinsteren; nivelleren; vervlakken; vlak maken
perfeccionar bijschaven; perfectioneren beteren; bijleren; bijwerken; compleet maken; completeren; corrigeren; effenen; egaliseren; gelijkmaken; gladmaken; goedmaken; herstellen; herzien; leven beteren; renoveren; repareren; verbeteren; veredelen; verfijnen; vervolledigen; volledig maken
refinar bijschaven; perfectioneren bijleren; effenen; egaliseren; gelijkmaken; gladmaken; kapot maken; raffineren; slechten; veredelen; verfijnen
terminar afmaken; completeren; perfectioneren; vervolledigen; vervolmaken; volledig maken; voltooien afdoen; afkijken; afkrijgen; aflopen; afmaken; afronden; afsluiten; afwerken; beslissen; besluiten; beëindigen; completeren; doden; doodmaken; doodslaan; een einde maken aan; eindigen; erdoor jagen; ermee uitscheiden; in orde maken; klaarkrijgen; klaarmaken; klaren; laatste gedeelte afmaken; ledigen; leegdrinken; leeghalen; leegmaken; legen; liquideren; naar einde toewerken; ombrengen; opdrinken; opgebruiken; opgeven; ophouden; opkrijgen; opmaken; oproken; regelen; spieken; staken; stoppen; ten einde lopen; teneindelopen; uitdrinken; uithebben; uitkrijgen; uitraken; uitscheiden; van kant maken; vermoorden; volbrengen; volmaken; voltooien

Verwante definities voor "perfectioneren":

  1. beter maken, de fouten eruit halen1
    • deze auto wordt nog geperfectioneerd1

Wiktionary: perfectioneren


Cross Translation:
FromToVia
perfectioneren optimar; optimizar optimize — To make (something) optimal
perfectioneren perfeccionar perfect — make perfect