Overzicht
Nederlands naar Frans:   Meer gegevens...
  1. oefening:
  2. Wiktionary:
  3. Gebruikers suggesties voor oefening:
    • excercice


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor oefening (Nederlands) in het Frans

oefening:

oefening [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord

  1. de oefening (vaardigheidsoefening)
    l'exercice; l'exercice d'assouplissement

Vertaal Matrix voor oefening:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
exercice oefening; vaardigheidsoefening artsenpraktijk; beoefening; boekjaar; ervaring; fiscaal jaar; lichaamsoefening; praktijk; routine; sloepenrol
exercice d'assouplissement oefening; vaardigheidsoefening lenigheidsoefening voor de vingers; vingeroefening

Verwante woorden van "oefening":

  • oefeningen

Wiktionary: oefening

oefening
noun
  1. test om de kennis te peilen
oefening
noun
  1. action d’exercer ou de s’exercer.

Cross Translation:
FromToVia
oefening pratique practice — repetition of an activity to improve skill
oefening problème problem — schoolwork exercise

Verwante vertalingen van oefening