Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. bekendheid:
  2. bekend:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor bekendheid (Nederlands) in het Zweeds

bekendheid:

bekendheid [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord

  1. de bekendheid (reputatie)
    ryckte
    • ryckte zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor bekendheid:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
ryckte bekendheid; reputatie

Verwante woorden van "bekendheid":


Wiktionary: bekendheid


Cross Translation:
FromToVia
bekendheid bekantskap acquaintance — state of being acquainted
bekendheid kändisskap; berömmelse fame — state of being famous
bekendheid kännedom; kunskap connaissance — Idée, notion qu’on a de quelque chose, de quelqu’un; le fait de le connaître

bekendheid vorm van bekend:

bekend bijvoeglijk naamwoord

  1. bekend (vertrouwd)
    välbekant; invand

Vertaal Matrix voor bekend:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
invand bekend; vertrouwd
välbekant bekend; vertrouwd overbekend

Verwante woorden van "bekend":

  • bekendheid, bekender, bekendere, bekendst, bekendste

Antoniemen van "bekend":


Verwante definities voor "bekend":

  1. wie of wat je kent1
    • dit is een bekend verhaal1
  2. wie of wat veel mensen kennen1
    • Lubbers is een bekende Nederlander1