Overzicht
Zweeds naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. borta:
  2. Wiktionary:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor borta (Zweeds) in het Nederlands

borta:

borta bijvoeglijk naamwoord

  1. borta
    weg; ertussenuit; er op uit
  2. borta
    ervandoor; ervantussen
  3. borta
    op stap

Vertaal Matrix voor borta:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
weg bana; färd; gata; sträcka; väg
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
ertussenuit borta
ervandoor borta
weg borta bortkommen; bortkommet; fattast; från; försvunnen; försvunnet; iväg med dig; schas
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
er op uit borta
ervantussen borta
op stap borta

Synoniemen voor "borta":


Wiktionary: borta


Cross Translation:
FromToVia
borta zoek futschsalopp, nur prädikativ: fort, verloren gegangen oder kaputt

Verwante vertalingen van borta