Overzicht
Zweeds naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. karl:

Remove Ads

Zweeds

Uitgebreide vertaling voor karl (Zweeds) in het Nederlands

karl:

karl [-en] zelfstandig naamwoord

  1. karl (man; typ)
    de knakker; de man; de knul; de vent; de gozer; de kerel; de gast
    • knakker [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • man [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • knul [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • vent [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • gozer [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • kerel [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • gast [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
  2. karl (pojke; prick; grabb)
    het sujet; het heerschap; de vent
    • sujet [het ~] zelfstandig naamwoord
    • heerschap [het ~] zelfstandig naamwoord
    • vent [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

Translation Matrix for karl:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenOther Translations
gast karl; man; typ besökare; gäst; nattgäst; regelbunden kund; övernattningsgäst
gozer karl; man; typ grabb; kille; kis; polare
heerschap grabb; karl; pojke; prick
kerel karl; man; typ grabb; herre; kille; kis; make; man; person av manligt kön; polare
knakker karl; man; typ grabb; kille; kis; polare
knul karl; man; typ grabb; kille; kis; polare
man karl; man; typ herre; make; man; person av manligt kön; äkta man
sujet grabb; karl; pojke; prick
vent grabb; karl; man; pojke; prick; typ grabb; herre; kille; kis; make; man; person av manligt kön; polare

Synoniemen voor "karl":


Verwante vertalingen van karl



Remove Ads




Remove Ads