Overzicht
Zweeds naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. tyvärr:
  2. Wiktionary:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor tyvärr (Zweeds) in het Nederlands

tyvärr:

tyvärr bijvoeglijk naamwoord

  1. tyvärr (o)
    helaas; och; wee
    • helaas bijwoord
    • och bijvoeglijk naamwoord
    • wee bijvoeglijk naamwoord
  2. tyvärr
    ach
    • ach bijvoeglijk naamwoord

tyvärr zelfstandig naamwoord

  1. tyvärr (otur; synd; ledsen)
    de jammer
    • jammer [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor tyvärr:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
jammer ledsen; otur; synd; tyvärr
wee sammandragning
Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
wee o; tyvärr klent; kraftlös; kraftlöst; matt; skört; svagt; vek; vekt; ömtålig; ömtåligt
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
helaas o; tyvärr ledsamt; olyckligtvis; olyckligtvist; skada; synd
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
ach tyvärr fåna dig inte; skärp dig; sluta larva dig
jammer otillräcklig; otillräckligt; skada; synd
och o; tyvärr

Synoniemen voor "tyvärr":

  • dessvärre

Wiktionary: tyvärr


Cross Translation:
FromToVia
tyvärr helaas leider — Ausdruck des Bedauerns
tyvärr helaas; jammer genoeg unfortunately — happening through bad luck