Overzicht
Duits naar Engels:   Meer gegevens...
  1. täglich:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor täglich (Duits) in het Engels

täglich:

täglich bijvoeglijk naamwoord

  1. täglich
    daily
    • daily bijvoeglijk naamwoord
  2. täglich
    everyday; daily

Vertaal Matrix voor täglich:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
daily Wochentag
Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
everyday täglich
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
daily täglich

Synoniemen voor "täglich":


Wiktionary: täglich

täglich
adjective
  1. jeden Tag wiederkehrend
  2. an jedem Tag
täglich
adjective
  1. done once every day
  2. that occurs every day
  3. daily
  4. common, mundane
adverb
  1. every day
noun
  1. quotidian fever

Cross Translation:
FromToVia
täglich daily journalier — Qui se fait chaque jour.
täglich daily; everyday; mundane; workaday quotidien — De chaque jour. (Sens général).