Overzicht
Duits naar Engels:   Meer gegevens...
  1. aufeinander:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor aufeinander (Duits) in het Engels

aufeinander:

aufeinander bijvoeglijk naamwoord

  1. aufeinander
    on each other
  2. aufeinander (aneinander; zusammen)

Vertaal Matrix voor aufeinander:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
on each other aufeinander
on top of each other aneinander; aufeinander; zusammen

Wiktionary: aufeinander

aufeinander
en-pron
  1. idiomatic, reciprocal pronoun