Overzicht
Duits naar Engels:   Meer gegevens...
  1. spassen:


Duits

Uitgebreide vertaling voor spassen (Duits) in het Engels

spassen:

spassen werkwoord

  1. spassen (scherzen)
    to banter; to joke
    • banter werkwoord (banters, bantered, bantering)
    • joke werkwoord (jokes, joked, joking)

Vertaal Matrix voor spassen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
banter Dummheit; Flause; Freude; Fröhlichkeit; Keckheit; Narrheit; Scherz; Spaß; Späßchen; Streich; Torheit; Ulk; Unsinn; Verrücktheit; Witz
joke Farce; Keckheit; Scherz; Scherzen; Spaß; Spaßmacherei; Späßchen; Streich; Täuschung; Ulk; Ulken; Witz
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
banter scherzen; spassen herumtollen; scherzen; spaßen
joke scherzen; spassen herumtollen; scherzen; schäkern; spaßen