Overzicht
Duits naar Engels:   Meer gegevens...
  1. Zauberspruch:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Zauberspruch (Duits) in het Engels

Zauberspruch:

Zauberspruch [der ~] zelfstandig naamwoord

  1. der Zauberspruch (Zauberformel; Zaubermittel)
    the magic charm; the spell; the magic word; the magic spell; the magic words
  2. der Zauberspruch (Zaubersprüche; Zauberwörter; Zauberformel)
    the magic spells; the magic words; the magic charms

Vertaal Matrix voor Zauberspruch:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
magic charm Zauberformel; Zaubermittel; Zauberspruch
magic charms Zauberformel; Zauberspruch; Zaubersprüche; Zauberwörter
magic spell Zauberformel; Zaubermittel; Zauberspruch Gaukelei; Hokuspokus; Magie; Zauber; Zauberei; Zauberkunst
magic spells Zauberformel; Zauberspruch; Zaubersprüche; Zauberwörter
magic word Zauberformel; Zaubermittel; Zauberspruch
magic words Zauberformel; Zaubermittel; Zauberspruch; Zaubersprüche; Zauberwörter
spell Zauberformel; Zaubermittel; Zauberspruch
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
spell buchstabieren

Synoniemen voor "Zauberspruch":


Wiktionary: Zauberspruch

Zauberspruch
noun
  1. ein Spruch oder Wort, die einen Zauber oder Fluch bewirken sollen
Zauberspruch
noun
  1. word with magical effect
  2. magical incantation