Overzicht
Duits naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. Rachen:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor rächen (Duits) in het Spaans

rachen:


Synoniemen voor "rachen":


Rachen:

Rachen [der ~] zelfstandig naamwoord

  1. der Rachen (Schlund; Kehle; Hals; Gurgel)
    la tragaderas; la fauces
  2. der Rachen (Rachenhöhle)
    la faringe; la garganta; la fauces
    • faringe [la ~] zelfstandig naamwoord
    • garganta [la ~] zelfstandig naamwoord
    • fauces [la ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor Rachen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
faringe Rachen; Rachenhöhle
fauces Gurgel; Hals; Kehle; Rachen; Rachenhöhle; Schlund
garganta Rachen; Rachenhöhle Abgrund; Enge; Engpässe; Felsenschlucht; Felsspalt; Felsspalte; Flaschenhals; Landenge; Schlucht; Spalt; Spalte; Verengerung
tragaderas Gurgel; Hals; Kehle; Rachen; Schlund

Synoniemen voor "Rachen":


Wiktionary: Rachen

Rachen
noun
  1. Anatomie: eine mit Schleimhaut ausgekleidete Erweiterung im Anschluss an die Mund- und Nasenhöhle beim Menschen und den übrigen Wirbeltieren

Cross Translation:
FromToVia
Rachen tráquea throat — gullet or windpipe
Rachen garganta gorge — anatomie|nocat=1 Partie antérieure du cou.
Rachen fauces; abismo; despeñadero; precipicio gouffrecavité large et profonde, vide ou remplie d’eau.
Rachen fauces; hocico; boca gueulebouche chez les animaux carnassiers, chez certains poissons et certains gros reptiles.


Wiktionary: rächen

rächen
verb
  1. -

Cross Translation:
FromToVia
rächen vengar avenge — to take vengeance for
rächen vengarse wreak — to take vengeance
rächen vengar; desforzar wreken — iemand straffen om het onrecht dat hij of zij je heeft aangedaan
rächen vengar vengerobtenir vengeance de quelque injure, de quelque outrage, de quelque acte coupable ; se dit en parlant des choses dont on vouloir tirer satisfaction.

Verwante vertalingen van rächen