Overzicht
Duits naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. Minuspunkt:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Minuspunkt (Duits) in het Spaans

Minuspunkt:

Minuspunkt [der ~] zelfstandig naamwoord

  1. der Minuspunkt (Verrlustpunkt)
    el deficiencia; la desventaja

Vertaal Matrix voor Minuspunkt:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
deficiencia Minuspunkt; Verrlustpunkt Abweichung; Defekt; Defizit; Ermangelung; Fehlbetrag; Fehler; Fehlmenge; Gebrechen; Handikap; Hinfälligkeit; Kränklichkeit; Leere; Lücke; Mangel; Manko; Schwachheit; Schwäche; Unvollkommenheit; körperliches Gebrechen; Übel
desventaja Minuspunkt; Verrlustpunkt Abbruch; Nachteil; Schade; Schaden; Schattenseite

Wiktionary: Minuspunkt


Cross Translation:
FromToVia
Minuspunkt descalificación; demérito; sanción demerit — mark for bad conduct

Computer vertaling door derden: