Overzicht
Duits naar Frans:   Meer gegevens...
  1. Stöpsel:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Stöpsel (Duits) in het Frans

Stöpsel:

Stöpsel [der ~] zelfstandig naamwoord

  1. der Stöpsel (Korken; Propfen)
    le liège; le bouchon; l'écorce
    • liège [le ~] zelfstandig naamwoord
    • bouchon [le ~] zelfstandig naamwoord
    • écorce [la ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor Stöpsel:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bouchon Korken; Propfen; Stöpsel Kronenkorken; Nauerdübel; Schmelzsicherung; Schwimmer; Sicherung; Sperrung; Stagnation; Stau; Stauung; Stockung; Verkehrsstauung; Verstopfung
liège Korken; Propfen; Stöpsel Kork; Schmelzsicherung; Sicherung
écorce Korken; Propfen; Stöpsel Bast; Baumrinde; Borke; Kruste; Muschel; Rinde; Schale; Schorf; Umhüllung

Synoniemen voor "Stöpsel":


Wiktionary: Stöpsel

Stöpsel
noun
  1. ein Verschluss für kleinere Öffnungen in Rohren, Flaschenhälsen
Stöpsel
noun
  1. Traductions à trier suivant le sens
  2. écorce épaisse et léger du chêne-liège qu’on utilise dans la fabrication de bouchons ou comme matériau isolant.

Cross Translation:
FromToVia
Stöpsel bouchon cork — bottle stopper
Stöpsel bouchon stopper — een voorwerp waarmee iets afgestopt of afgesloten kan worden
Stöpsel bouchon kurk — een van kurk gemaakte soort afdichting voor flessen