Overzicht


Duits

Uitgebreide vertaling voor gottlos (Duits) in het Nederlands

gottlos:

gottlos bijvoeglijk naamwoord

  1. gottlos (atheistisch; schauderhaft; unheilvoll; unglückselig; schaudererregend)
    atheïstisch; goddeloos; godloos
  2. gottlos (ungeweiht)
    goddeloos; ongoddelijk; ongodsdienstig
  3. gottlos (unheilig)
    onheilig
  4. gottlos (verderblich)
    goddeloos; verderfelijk; verdorven; heilloos

Vertaal Matrix voor gottlos:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
atheïstisch atheistisch; gottlos; schaudererregend; schauderhaft; unglückselig; unheilvoll
goddeloos atheistisch; gottlos; schaudererregend; schauderhaft; ungeweiht; unglückselig; unheilvoll; verderblich
godloos atheistisch; gottlos; schaudererregend; schauderhaft; unglückselig; unheilvoll
heilloos gottlos; verderblich heillos; unheilvoll; unselig
ongodsdienstig gottlos; ungeweiht religionsfeindlich
onheilig gottlos; unheilig
verderfelijk gottlos; verderblich
verdorven gottlos; verderblich liederlich; verderbt; verdorben; vergammelt; verlottert
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
ongoddelijk gottlos; ungeweiht

Synoniemen voor "gottlos":

  • frevelhaft; frevlerisch; wider Gott

Wiktionary: gottlos


Cross Translation:
FromToVia
gottlos goddeloos godless — not acknowledging any deity or god; without belief in any deity or god
gottlos verlaten reprobate — abandon