Overzicht
Duits naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. Absuchen:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Absuchen (Duits) in het Nederlands

Absuchen:

Absuchen [das ~] zelfstandig naamwoord

  1. Absuchen (gründliches Durchsuchen; Abtasten)
    afzoeken; geheel doorzoeken; afstropen
  2. Absuchen (Patroulieren)
    patrouilleren; afzoeken

Vertaal Matrix voor Absuchen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
afstropen Absuchen; Abtasten; gründliches Durchsuchen
afzoeken Absuchen; Abtasten; Patroulieren; gründliches Durchsuchen
geheel doorzoeken Absuchen; Abtasten; gründliches Durchsuchen
patrouilleren Absuchen; Patroulieren
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
afstropen abdecken; abhäuten; enthäuten; schinden
afzoeken absuchen; abtasten
patrouilleren auf Streifegehen; beaufsichtigen; bewachen; patrouillieren

Verwante vertalingen van Absuchen