Overzicht
Duits naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. lebenskräftig:


Duits

Uitgebreide vertaling voor lebenskräftig (Duits) in het Nederlands

lebenskräftig:

lebenskräftig bijvoeglijk naamwoord

  1. lebenskräftig (vital)
    levensvatbaar
  2. lebenskräftig (vital)
    levenskrachtig; vitaal

Vertaal Matrix voor lebenskräftig:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
levensvatbaar lebenskräftig; vital
vitaal lebenskräftig; vital lebensnotwendig; lebenswichtig; vital
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
levenskrachtig lebenskräftig; vital

Synoniemen voor "lebenskräftig":