Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Tülle:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Tülle (Duits) in het Zweeds

Tülle:

Tülle [die ~] zelfstandig naamwoord

  1. die Tülle
    liten tub
  2. die Tülle
    pip; utloppsrör
  3. die Tülle (Schnabel; Schnauze)
    näsa; nos; snabel
    • näsa [-en] zelfstandig naamwoord
    • nos [-en] zelfstandig naamwoord
    • snabel [-en] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor Tülle:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
liten tub Tülle
nos Schnabel; Schnauze; Tülle Duft; Geruch; Geruchsnerv; Geruchssinn; Gerüche; Mund; Nase
näsa Schnabel; Schnauze; Tülle Duft; Geruch; Geruchsnerv; Geruchssinn; Gerüche; Nase; Spürsinn
pip Tülle Pfeifton; Piepton
snabel Schnabel; Schnauze; Tülle Rüssel
utloppsrör Tülle

Synoniemen voor "Tülle":


Wiktionary: Tülle


Cross Translation:
FromToVia
Tülle pip; hällpip spout — a tube through which liquid is poured or discharged
Tülle näbb bec — Traductions à trier suivant le sens