Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. wankelen:


Duits

Uitgebreide vertaling voor wankelen (Duits) in het Zweeds

wankelen:

wankelen werkwoord

  1. wankelen (wanken; schwanken)
    vackla; vingla; stappla; ragla
    • vackla werkwoord (vacklar, vacklade, vacklat)
    • vingla werkwoord (vinglar, vinglade, vinglat)
    • stappla werkwoord (stapplar, stapplade, stapplat)
    • ragla werkwoord (raglar, raglade, raglat)

Vertaal Matrix voor wankelen:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
ragla schwanken; wankelen; wanken
stappla schwanken; wankelen; wanken hinken; humpeln
vackla schwanken; wankelen; wanken schütteln; wackeln
vingla schwanken; wankelen; wanken
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
vackla stockend