Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Port:
  2. Wiktionary:
Zweeds naar Duits:   Meer gegevens...
  1. port:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Port (Duits) in het Zweeds

Port:

Port

  1. Port (Anschluss)
    port
    • port [-en] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor Port:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
port Anschluss; Port Eingangstor; Tor; große Tür

Synoniemen voor "Port":


Wiktionary: Port


Cross Translation:
FromToVia
Port port port — computing: logical or physical construct into and from which data are transferred



Zweeds

Uitgebreide vertaling voor Port (Zweeds) in het Duits

port:

port [-en] zelfstandig naamwoord

  1. port
    die große Tür; Tor
    • große Tür [die ~] zelfstandig naamwoord
    • Tor [das ~] zelfstandig naamwoord
  2. port
  3. port
  4. port (ingångsdörr; dörr; ingång)
    Eingangstor; Tor
    • Eingangstor [das ~] zelfstandig naamwoord
    • Tor [das ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor port:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
Eingangstor dörr; ingång; ingångsdörr; port
Tor dörr; ingång; ingångsdörr; port dumbom; dåre; fågelhjärna; fåne; galning; hovnarr; idiot; imbecill; knäppskalle; knöl; mål; narr; obetydlig; tok
große Tür port
Not SpecifiedVerwante vertalingenAndere vertalingen
Anschluss port
Port port

Synoniemen voor "port":


Wiktionary: port

port
noun
  1. kleine Tür, Eingangstor
  2. breites, oft zur Einfahrt in ein Haus geeignetes Tor
  3. Eingangstür eines Hauses
  4. Tür, durch die ein Gebäude hauptsächlich betreten werden soll

Cross Translation:
FromToVia
port Tor gate — doorway, opening, or passage in a fence or wall
port Port port — computing: logical or physical construct into and from which data are transferred