Overzicht
Engels naar Frans:   Meer gegevens...
  1. taxi:
  2. Wiktionary:
Frans naar Engels:   Meer gegevens...
  1. taxi:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor taxi (Engels) in het Frans

taxi:

taxi [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the taxi (cab)
    le taxi
    • taxi [le ~] zelfstandig naamwoord

to taxi werkwoord (taxis, taxied, taxiing)

  1. to taxi
    rouler; rouler en taxi
    • rouler werkwoord (roule, roules, roulons, roulez, )
    • rouler en taxi werkwoord

Conjugations for taxi:

present
  1. taxi
  2. taxi
  3. taxis
  4. taxi
  5. taxi
  6. taxi
simple past
  1. taxied
  2. taxied
  3. taxied
  4. taxied
  5. taxied
  6. taxied
present perfect
  1. have taxied
  2. have taxied
  3. has taxied
  4. have taxied
  5. have taxied
  6. have taxied
past continuous
  1. was taxiing
  2. were taxiing
  3. was taxiing
  4. were taxiing
  5. were taxiing
  6. were taxiing
future
  1. shall taxi
  2. will taxi
  3. will taxi
  4. shall taxi
  5. will taxi
  6. will taxi
continuous present
  1. am taxiing
  2. are taxiing
  3. is taxiing
  4. are taxiing
  5. are taxiing
  6. are taxiing
subjunctive
  1. be taxied
  2. be taxied
  3. be taxied
  4. be taxied
  5. be taxied
  6. be taxied
diverse
  1. taxi!
  2. let's taxi!
  3. taxied
  4. taxiing
1. I, 2. you, 3. he/she/it, 4. we, 5. you, 6. they

Vertaal Matrix voor taxi:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
taxi cab; taxi
- cab; hack; taxicab
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
rouler taxi badger; cheat; con; debark; dodge; fleece; fool; graze; gull; hoax; hoodwink; lie; revolve; roll; roll away; roll up; rotate; skin; spoof; strip; swindle; swing around; tease; trick; turn; turn up; twist; vex; whirl
rouler en taxi taxi
- cab
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
- cab; taxicab

Verwante woorden van "taxi":

  • taxiing, taxis, taxies

Synoniemen voor "taxi":


Verwante definities voor "taxi":

  1. a car driven by a person whose job is to take passengers where they want to go in exchange for money1
  2. travel slowly1
    • The plane taxied down the runway1
  3. ride in a taxicab1

Wiktionary: taxi

taxi
noun
  1. vehicle
taxi
noun
  1. Véhicule automobile

Cross Translation:
FromToVia
taxi taxi taxi — een voertuig bestemd om tegen betaling klanten van de ene plaats naar de andere te brengen
taxi taxi TaxiAuto, das zur entgeltlichen Personenbeförderung dient

Verwante vertalingen van taxi



Frans

Uitgebreide vertaling voor taxi (Frans) in het Engels

taxi:

taxi [le ~] zelfstandig naamwoord

  1. le taxi
    the taxi; the cab
    • taxi [the ~] zelfstandig naamwoord
    • cab [the ~] zelfstandig naamwoord
  2. le taxi
    the taxi
    • taxi [the ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor taxi:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
cab taxi carrosse; voiture
taxi taxi
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
taxi rouler; rouler en taxi

Wiktionary: taxi

taxi
noun
  1. Véhicule automobile
taxi
noun
  1. taxi
  2. vehicle

Cross Translation:
FromToVia
taxi taxi; cab taxi — een voertuig bestemd om tegen betaling klanten van de ene plaats naar de andere te brengen
taxi cab; taxi TaxiAuto, das zur entgeltlichen Personenbeförderung dient

Verwante vertalingen van taxi