Overzicht
Engels naar Frans:   Meer gegevens...
  1. urine:
  2. Wiktionary:
Frans naar Engels:   Meer gegevens...
  1. urine:
  2. uriner:
  3. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor urine (Engels) in het Frans

urine:

urine [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the urine (piss)
    la pisse; l'urine
    • pisse [la ~] zelfstandig naamwoord
    • urine [la ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor urine:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
pisse piss; urine
urine piss; urine make water
- pee; piddle; piss; water; weewee

Synoniemen voor "urine":


Verwante definities voor "urine":

  1. liquid excretory product1
    • there was blood in his urine1

Wiktionary: urine

urine
noun
  1. liquid excrement
urine
noun
  1. biologie|fr liquide dû à la filtration du sang par les reins et conduit par les uretères dans la vessie, puis évacuer par le canal de l’urètre.

Cross Translation:
FromToVia
urine urine urine — een vloeistof die bij dieren door de nieren wordt geproduceerd en periodiek wordt geloosd
urine urine Urinflüssige Ausscheidung der Blase beziehungsweise der Nieren bei Menschen und verwandten Säugetieren



Frans

Uitgebreide vertaling voor urine (Frans) in het Engels

urine:

urine [la ~] zelfstandig naamwoord

  1. l'urine (pisse)
    the urine; the piss
    • urine [the ~] zelfstandig naamwoord
    • piss [the ~] zelfstandig naamwoord
  2. l'urine (pipi)
    the make water

Vertaal Matrix voor urine:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
make water pipi; urine
piss pisse; urine
urine pisse; urine

Synoniemen voor "urine":


Wiktionary: urine

urine
noun
  1. biologie|fr liquide dû à la filtration du sang par les reins et conduit par les uretères dans la vessie, puis évacuer par le canal de l’urètre.
urine
noun
  1. urine
  2. liquid excrement

Cross Translation:
FromToVia
urine urine urine — een vloeistof die bij dieren door de nieren wordt geproduceerd en periodiek wordt geloosd
urine urine Urinflüssige Ausscheidung der Blase beziehungsweise der Nieren bei Menschen und verwandten Säugetieren

uriner:

uriner werkwoord (urine, urines, urinons, urinez, )

  1. uriner (faire pipi; pisser)
    to pee; to urinate; to pass water
    • pee werkwoord (pees, peed, peeing)
    • urinate werkwoord (urinates, urinated, urinating)
    • pass water werkwoord (passes water, passed water, passing water)

Conjugations for uriner:

Présent
  1. urine
  2. urines
  3. urine
  4. urinons
  5. urinez
  6. urinent
imparfait
  1. urinais
  2. urinais
  3. urinait
  4. urinions
  5. uriniez
  6. urinaient
passé simple
  1. urinai
  2. urinas
  3. urina
  4. urinâmes
  5. urinâtes
  6. urinèrent
futur simple
  1. urinerai
  2. urineras
  3. urinera
  4. urinerons
  5. urinerez
  6. urineront
subjonctif présent
  1. que j'urine
  2. que tu urines
  3. qu'il urine
  4. que nous urinions
  5. que vous uriniez
  6. qu'ils urinent
conditionnel présent
  1. urinerais
  2. urinerais
  3. urinerait
  4. urinerions
  5. urineriez
  6. urineraient
passé composé
  1. ai uriné
  2. as uriné
  3. a uriné
  4. avons uriné
  5. avez uriné
  6. ont uriné
divers
  1. urine!
  2. urinez!
  3. urinons!
  4. uriné
  5. urinant
1. je, 2. tu, 3. il/elle/on, 4. nous, 5. vous, 6. ils/elles

Vertaal Matrix voor uriner:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
pee pissement
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
pass water faire pipi; pisser; uriner
pee faire pipi; pisser; uriner
urinate faire pipi; pisser; uriner

Wiktionary: uriner

uriner
verb
  1. évacuer de l’urine.
uriner
verb
  1. to urinate (jump) (see also pee)
  2. to urinate
  3. to pass urine from the body

Cross Translation:
FromToVia
uriner urinate urineren — het legen van de blaas
uriner urinate wateren — urine uitscheiden
uriner urinate urinieren — (intransitiv) Urin ausscheiden; Harn, Wasser lassen