Overzicht
Engels naar Frans:   Meer gegevens...
  1. breaking off:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor breaking-off (Engels) in het Frans

breaking off:

breaking off [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the breaking off (getting out of; unlearning)
    la désaccoutumance; la perte d'habitude
  2. the breaking off
    la rupture
    • rupture [la ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor breaking off:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
désaccoutumance breaking off; getting out of; unlearning
perte d'habitude breaking off; getting out of; unlearning
rupture breaking off break; breaking; breaks; crack; cracking; crash; flaw; fracture; rupture
- abruption; breaking off a relation

Synoniemen voor "breaking off":


Verwante definities voor "breaking off":

  1. an instance of sudden interruption1

Wiktionary: breaking off


Cross Translation:
FromToVia
breaking off rupture; procédure d´abandon; interruption Abbruch — das beenden von etwas


Wiktionary: breaking-off


Cross Translation:
FromToVia
breaking-off rupture; violation Bruch — ein einhalten einer Vereinbarung, Vertrages, Übereinkunft

Verwante vertalingen van breaking-off