Uitgebreide vertaling voor cuff (Engels) in het Nederlands


cuff [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the cuff (cuff link)
    de manchet; de manchetknoop
  2. the cuff (chain; shackle; fetter)
    de keten; aaneengeschakelde ringen om iemand mee vast te binden; de ketting; de boei; de kluister

Vertaal Matrix voor cuff:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
aaneengeschakelde ringen om iemand mee vast te binden chain; cuff; fetter; shackle
boei chain; cuff; fetter; shackle
keten chain; cuff; fetter; shackle chain; chainlet; circlet; commercial chain; concatenation; multiple shop business; multiple store; necklace; ring; row; sequence; series; sheds; store chain; string; succession
ketting chain; cuff; fetter; shackle chain; chainlet; circlet; necklace; ring; row
kluister chain; cuff; fetter; shackle
manchet cuff; cuff link
manchetknoop cuff; cuff link
- handcuff; handlock; manacle; turnup
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- handcuff; manacle; whomp
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
- idea; impulse; project

Verwante woorden van "cuff":

Synoniemen voor "cuff":

Verwante definities voor "cuff":

  1. the lap consisting of a turned-back hem encircling the end of the sleeve or leg1
  2. shackle that consists of a metal loop that can be locked around the wrist; usually used in pairs1
  3. confine or restrain with or as if with manacles or handcuffs1
  4. hit with the hand1

Wiktionary: cuff

  1. The end of a shirt sleeve that covers the wrist
  1. een dubbele of stevige stof aan rond de opening van de mouw of hals

Cross Translation:
cuff manchet manchette — Traductions à trier suivant le sens

Verwante vertalingen van cuff