Engels naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. organs:
  2. organ:
  3. Wiktionary:


Uitgebreide vertaling voor organs (Engels) in het Nederlands


organs [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the organs
    de organen
    • organen [de ~] zelfstandig naamwoord, mv.

Vertaal Matrix voor organs:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
organen organs
- variety meat

Verwante woorden van "organs":

Synoniemen voor "organs":

  • variety meat; meat

Verwante definities voor "organs":

  1. edible viscera of a butchered animal1


organ [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the organ
    het orgel
    • orgel [het ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor organ:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
orgel organ
- Hammond organ; electric organ; electronic organ; harmonium; pipe organ; reed organ

Verwante woorden van "organ":

Synoniemen voor "organ":

Verwante definities voor "organ":

  1. (music) an electronic simulation of a pipe organ1
  2. a free-reed instrument in which air is forced through the reeds by bellows1
  3. wind instrument whose sound is produced by means of pipes arranged in sets supplied with air from a bellows and controlled from a large complex musical keyboard1
  4. a fully differentiated structural and functional unit in an animal that is specialized for some particular function1
  5. a periodical that is published by a special interest group1
    • the organ of the communist party1
  6. a government agency or instrument devoted to the performance of some specific function1
    • The Census Bureau is an organ of the Commerce Department1

Wiktionary: organ

  1. part of an organism
  2. musical instrument
  3. official magazine, newsletter, or similar publication
  1. Onderdeel van het organisme

Cross Translation:
organ orgel Orgel — ein großes, häufig in Kirchen zu findendes, Musikinstrument mit Manualen und einer Klaviatur für die Füße
organ orgaan organepartie d’un organisme vivant, considérée comme un tout et comme remplissant une fonction nécessaire ou utiles à sa vie.
organ orgel orgueinstrument de musique, à vent et à touches, composé de tuyaux de différentes sortes et de différentes grandeurs, alimenter d’air par des soufflets et que l’on fait résonner en appuyer sur les touches d’un ou de plusieurs claviers

Verwante vertalingen van organs