Engels

Uitgebreide vertaling voor sustainable (Engels) in het Nederlands

sustainable:

sustainable bijvoeglijk naamwoord

  1. sustainable (maintainable)
    houdbaar; uit te houden
  2. sustainable
    – capable of being sustained 1
    duurzaam

Vertaal Matrix voor sustainable:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
duurzaam sustainable durable; lasting
houdbaar maintainable; sustainable defensible; justifiable; maintainable; preservable; tenable
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
uit te houden maintainable; sustainable

Verwante woorden van "sustainable":


Synoniemen voor "sustainable":


Verwante definities voor "sustainable":

  1. capable of being sustained1

Wiktionary: sustainable

sustainable
adjective
  1. able to be sustained: environmental term
sustainable
adjective
  1. aansluitend op de behoeften van het heden zonder in de toekomst tot complicaties te leiden

sustainable vorm van sustain:

to sustain werkwoord (sustains, sustained, sustaining)

  1. to sustain (endure; bear; stand)
    doorstaan; verdragen; doorleven; verteren; verduren
    • doorstaan werkwoord (doorsta, doorstaat, doorstond, doorstonden, doorgestaan)
    • verdragen werkwoord (verdraag, verdraagt, verdroeg, verdroegen, verdragen)
    • doorleven werkwoord
    • verteren werkwoord (verteer, verteert, verteerde, verteerden, verteerd)
    • verduren werkwoord (verduur, verduurt, verduurde, verduurden, verduurd)

Conjugations for sustain:

present
  1. sustain
  2. sustain
  3. sustains
  4. sustain
  5. sustain
  6. sustain
simple past
  1. sustained
  2. sustained
  3. sustained
  4. sustained
  5. sustained
  6. sustained
present perfect
  1. have sustained
  2. have sustained
  3. has sustained
  4. have sustained
  5. have sustained
  6. have sustained
past continuous
  1. was sustaining
  2. were sustaining
  3. was sustaining
  4. were sustaining
  5. were sustaining
  6. were sustaining
future
  1. shall sustain
  2. will sustain
  3. will sustain
  4. shall sustain
  5. will sustain
  6. will sustain
continuous present
  1. am sustaining
  2. are sustaining
  3. is sustaining
  4. are sustaining
  5. are sustaining
  6. are sustaining
subjunctive
  1. be sustained
  2. be sustained
  3. be sustained
  4. be sustained
  5. be sustained
  6. be sustained
diverse
  1. sustain!
  2. let's sustain!
  3. sustained
  4. sustaining
1. I, 2. you, 3. he/she/it, 4. we, 5. you, 6. they

Vertaal Matrix voor sustain:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
doorleven bear; endure; stand; sustain
doorstaan bear; endure; stand; sustain bear; endure; persist; stand; tolerate
verdragen bear; endure; stand; sustain bear; endure; persist; stand; tolerate
verduren bear; endure; stand; sustain bear; endure; persist; stand; tolerate
verteren bear; endure; stand; sustain be lost; be wrecked; become worn; consume; crash; decay; decline; degenerate; deteriorate; digest; fall into decline; get worn out; meet an accident; perish; rot; spend money; wear out
- affirm; confirm; corroborate; get; have; hold; hold up; keep; keep up; maintain; nourish; nurture; prolong; substantiate; suffer; support

Verwante woorden van "sustain":


Synoniemen voor "sustain":


Antoniemen van "sustain":


Verwante definities voor "sustain":

  1. undergo (as of injuries and illnesses)1
  2. establish or strengthen as with new evidence or facts1
  3. admit as valid1
    • The court sustained the motion1
  4. supply with necessities and support1
    • She alone sustained her family1
    • The money will sustain our good cause1
  5. provide with nourishment1
    • We sustained ourselves on bread and water1
  6. be the physical support of; carry the weight of1
  7. lengthen or extend in duration or space1
    • We sustained the diplomatic negotiations as long as possible1

Wiktionary: sustain

sustain
verb
  1. to maintain something
  2. to provide for or nourish something

Cross Translation:
FromToVia
sustain verplegen; bewaren; verzorgen erhalten — (transitiv) etwas bewahren
sustain ondergaan erleiden — etwas körperlich oder seelisch Unangenehmes erleben; eine unangenehme Erfahrung machen
sustain schragen; steunen; stutten; ondersteunen accoterappuyer d’un côté pour soutenir.
sustain dragen; schoren; steunen; ondersteunen; ruggesteunen; schragen; stutten appuyerplacer contre quelque chose.
sustain doorgaan; verder gaan met; vervolgen; voortgaan; voortzetten; aanhouden; beklijven; duren; standhouden; voortduren; blijven continuerpoursuivre ce qui commencer.
sustain doorstaan; lijden; ondergaan; uitstaan; velen; verdragen endurersouffrir, supporter avec fermeté, constance.
sustain dragen; schoren; steunen; ondersteunen; ruggesteunen; schragen; behouden; bergen; bewaren; conserveren; handhaven; onderhouden; overhouden; doorgaan; verder gaan met; vervolgen; voortgaan; voortzetten maintenirtenir ferme et fixe.
sustain uitgeleide doen; uitlaten; renoveren; vernieuwen; terugvoeren; doorgaan; verder gaan met; vervolgen; voortgaan; voortzetten reconduireTraductions à trier suivant le sens.
sustain accepteren; aannemen; ontvangen; doorstaan; lijden; ondergaan; uitstaan; velen; verdragen souffrirsentir de la douleur.
sustain weerstaan tenir le coup — marine|fr résister aux coups de vent et de mer.