Engels

Uitgebreide vertaling voor uprightness (Engels) in het Nederlands

uprightness:

uprightness [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the uprightness (candour; honesty; integrity; )
    de oprechtheid; de eerlijkheid; de rechtschapenheid
  2. the uprightness (integrity)
    de integriteit
  3. the uprightness (integrity)
    de onkreukbaarheid

Vertaal Matrix voor uprightness:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
eerlijkheid candor; candour; honesty; integrity; open-heartedness; probity; uprightness
integriteit integrity; uprightness data integrity; integrity
onkreukbaarheid integrity; uprightness
oprechtheid candor; candour; honesty; integrity; open-heartedness; probity; uprightness candor; candour; detachment; frankness; open-heartedness
rechtschapenheid candor; candour; honesty; integrity; open-heartedness; probity; uprightness
- erectness; rectitude; verticality; verticalness
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
- honesty; justice

Verwante woorden van "uprightness":


Synoniemen voor "uprightness":


Verwante definities voor "uprightness":

  1. righteousness as a consequence of being honorable and honest1
  2. position at right angles to the horizon1
  3. the property of being upright in posture1

uprightness vorm van upright:

upright bijvoeglijk naamwoord

  1. upright (incorruptible; undiscussed)
    integer; onbesproken; onkreukbaar; rechtschapen
  2. upright (erect; vertical; dead straight)
    rechtop; overeind; rechtopstaand
  3. upright (honourable; honest; righteous; )
    rechtvaardig; eerlijk; braaf; rechtgeaard; rechtschapen
  4. upright (honest; sincere; true; )
    oprecht; eerlijk; rechtschapen; open
  5. upright (sincere; genuine; heartfelt)
    oprecht; ongeveinsd

Vertaal Matrix voor upright:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- upright piano; vertical
Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
braaf honest; honorable; honourable; just; right-minded; righteous; sincere; true-hearted; upright good; honest; well-behaved
eerlijk fair; frank; honest; honorable; honourable; just; open; right-minded; righteous; sincere; true; true-hearted; upright fair; genuine; honest; right; serious; sporting; straight
integer incorruptible; undiscussed; upright
onbesproken incorruptible; undiscussed; upright blameless; correct; faultless; impeccable; perfect
ongeveinsd genuine; heartfelt; sincere; upright
onkreukbaar incorruptible; undiscussed; upright
open fair; frank; honest; open; sincere; true; upright accessible; amenable; approachable; fair; frank; honest; not closed; open; plain; sincere; straight; straight ahead; straight on; straightforward
oprecht fair; frank; genuine; heartfelt; honest; open; sincere; true; upright fair; frank; genuine; honest; open; plain; serious; sincere; straight; straightforward
rechtgeaard honest; honorable; honourable; just; right-minded; righteous; sincere; true-hearted; upright every inch; in heart and soul
rechtopstaand dead straight; erect; upright; vertical
rechtschapen fair; frank; honest; honorable; honourable; incorruptible; just; open; right-minded; righteous; sincere; true; true-hearted; undiscussed; upright
rechtvaardig honest; honorable; honourable; just; right-minded; righteous; sincere; true-hearted; upright justified; lawful; legitimate; rightful; warranted
- erect; good; just; unsloped; vertical
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
overeind dead straight; erect; upright; vertical standing
rechtop dead straight; erect; upright; vertical standing
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
- erect; honest; honorable; honourable

Verwante woorden van "upright":


Synoniemen voor "upright":


Antoniemen van "upright":

  • unerect

Verwante definities voor "upright":

  1. in a vertical position; not sloping1
    • an upright post1
  2. upright in position or posture1
    • he sat bolt upright1
  3. of moral excellence1
    • an upright and respectable man1
  4. a piano with a vertical sounding board1
  5. a vertical structural member as a post or stake1
    • the ball sailed between the uprights1

Wiktionary: upright

upright
adjective
  1. vertical; erect
  2. greater in height than breadth
  3. of good morals

Cross Translation:
FromToVia
upright verticaal vertikal — entlang einer gedachten Linie, die eine Schnur mit einem Senkblei verlängert
upright direct; live; recht; rechtstreeks; haaks; rechthoekig; loodrecht; loyaal; trouw; getrouw; trouwhartig; rechter-; rechts; vandehands droit — Qui est du côté opposé à celui de son cœur (en supposant que son cœur est du même côté que pour la majorité des être humain), ou encore du côté de celui de la main qui sert à écrire chez la majorité (dans le cas où on parle de soi, car on utilise cet adjectif en adoptant le point de vue de la
upright loyaal; trouw; getrouw; trouwhartig; degelijk; eerlijk; eerzaam; fatsoenlijk; net honnête — Qui est conforme à la vertu, à la probité, à l’honneur.