Engels

Uitgebreide vertaling voor waking (Engels) in het Nederlands

waking:

waking werkwoord

  1. waking (watch; patrol)
    waken; wakker blijven

Vertaal Matrix voor waking:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
waken patrol; waking; watch guard; keep watch over
wakker blijven patrol; waking; watch
Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- wakeful

Verwante woorden van "waking":


Synoniemen voor "waking":


Antoniemen van "waking":

  • sleeping

Verwante definities voor "waking":

  1. marked by full consciousness or alertness1
    • worked every moment of my waking hours1
  2. the state of remaining awake1
    • days of danger and nights of waking1

wake:

wake werkwoord

  1. wake
    wekken; wakker maken

wake [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the wake
    de wake; de waak
    • wake [de ~] zelfstandig naamwoord
    • waak [de ~] zelfstandig naamwoord
  2. the wake
    de dodenwake
  3. the wake
    mis voor een overledene
  4. the wake (wash)
    het kielzog; het kielwater
  5. the wake (guard; watch)
    op wacht staan

Vertaal Matrix voor wake:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
dodenwake wake
kielwater wake; wash
kielzog wake; wash
mis voor een overledene wake
op wacht staan guard; wake; watch
waak wake
wake wake
wakker maken waking up someone
- aftermath; backwash; viewing
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
wakker maken wake
wekken wake
- arouse; awake; awaken; come alive; fire up; heat; ignite; inflame; rouse; stir up; wake up; waken

Verwante woorden van "wake":


Synoniemen voor "wake":


Antoniemen van "wake":

  • sleep; fall asleep; cause to sleep

Verwante definities voor "wake":

  1. a vigil held over a corpse the night before burial1
    • there's no weeping at an Irish wake1
  2. the wave that spreads behind a boat as it moves forward1
    • the motorboat's wake capsized the canoe1
  3. the consequences of an event (especially a catastrophic event)1
    • in the wake of the accident no one knew how many had been injured1
  4. stop sleeping1
  5. cause to become awake or conscious1
    • Please wake me at 6 AM.1
  6. be awake, be alert, be there1
  7. make aware of1
  8. arouse or excite feelings and passions1

Wiktionary: wake

wake
verb
  1. to stop sleeping
  2. to make somebody stop sleeping
noun
  1. period after death
  2. path left behind a ship on the surface of the water
wake
noun
  1. de zuiging ontstaan door de beweging van een voorwerp in water of lucht
  2. in het vervolg van iets

Cross Translation:
FromToVia
wake wekken wecken — jemanden aus dem Schlaf holen, wach machen
wake beuren; heffen; ophalen; oprichten; tillen; verheffen lever — Faire qu’une chose être plus haut qu’elle n’était.
wake wakker maken; wekken; opwekken réveiller — transitif|fr tirer du sommeil.

Verwante vertalingen van waking