Overzicht
Engels naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. monthly:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor monthly (Engels) in het Zweeds

monthly:

monthly bijvoeglijk naamwoord

  1. monthly (once a month; every month)
    månatlig; månatligt

monthly [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the monthly (magazine; periodical; journal; )
    tidskrift; tidning

Vertaal Matrix voor monthly:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
tidning journal; magazine; message; monthly; monthly magazine; news; periodical; piece of news; report; weekly daily paper; newspaper; papers
tidskrift journal; magazine; message; monthly; monthly magazine; news; periodical; piece of news; report; weekly journal; magazine; periodical; periodical publication
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
månatligen by the month; monthly
tidning magazine; newspaper; paper
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
månatlig every month; monthly; once a month per month
månatligt every month; monthly; once a month per month

Verwante woorden van "monthly":

  • monthlies

Synoniemen voor "monthly":


Verwante definities voor "monthly":

  1. of or occurring or payable every month1
    • monthly payments1
    • the monthly newsletter1
  2. occurring once a month1
    • they meet monthly1
  3. a periodical that is published every month (or 12 issues per year)1

Wiktionary: monthly

monthly
adverb
  1. Occurring every month
adjective
  1. Occurring every month

Cross Translation:
FromToVia
monthly månatlig maandelijks — iedere maand een keer
monthly månatlig; månads-; månadsvis monatlich — jeden Monat wiederkehrend, in jedem Monat

Verwante vertalingen van monthly