Overzicht
Spaans naar Frans:   Meer gegevens...
  1. bocaza:
  2. Wiktionary:


Spaans

Uitgebreide vertaling voor bocaza (Spaans) in het Frans

bocaza:

bocaza [la ~] zelfstandig naamwoord

  1. la bocaza (boca; pico)
    la bouche
    • bouche [la ~] zelfstandig naamwoord
  2. la bocaza (boca; pico)
    la gueule; le bec; le museau; le clapet
    • gueule [la ~] zelfstandig naamwoord
    • bec [le ~] zelfstandig naamwoord
    • museau [le ~] zelfstandig naamwoord
    • clapet [le ~] zelfstandig naamwoord
  3. la bocaza (boca; pico)
    le bec; le museau; la gueule; le groin
    • bec [le ~] zelfstandig naamwoord
    • museau [le ~] zelfstandig naamwoord
    • gueule [la ~] zelfstandig naamwoord
    • groin [le ~] zelfstandig naamwoord
  4. la bocaza (mandíbulas; boca; pico)
    la gueule; le museau; le bec
    • gueule [la ~] zelfstandig naamwoord
    • museau [le ~] zelfstandig naamwoord
    • bec [le ~] zelfstandig naamwoord

bocaza [el ~] zelfstandig naamwoord

  1. el bocaza (hablador; charlatan; parlanchín; picotero)
    la bavarde; le bavardeur; le bavard
    • bavarde [la ~] zelfstandig naamwoord
    • bavardeur [le ~] zelfstandig naamwoord
    • bavard [le ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor bocaza:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bavard bocaza; charlatan; hablador; parlanchín; picotero charlador; charladora; charlatana; charlatán; chismoso; cotillero; cotorra; dicharachero; hablador; habladora; parlanchina; parlanchines; parlanchín; perorador; persona muy habladora; quejica; remolón
bavarde bocaza; charlatan; hablador; parlanchín; picotero charladora; charlatana; cotorra; habladora; parlanchina
bavardeur bocaza; charlatan; hablador; parlanchín; picotero charlador; charladora; charlatana; charlatán; hablador; habladora; parlanchina; parlanchines; parlanchín
bec boca; bocaza; mandíbulas; pico pico
bouche boca; bocaza; pico
clapet boca; bocaza; pico escape; válvula de cierre
groin boca; bocaza; pico hocico del cerdo
gueule boca; bocaza; mandíbulas; pico cara fea; jeta; lepra; paliza
museau boca; bocaza; mandíbulas; pico hocico de perro; morro
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bavard cagarruta; charlador; chismoso; cotilla; locuaz; parlanchín
bavarde charlador

Verwante woorden van "bocaza":


Synoniemen voor "bocaza":


Wiktionary: bocaza


Cross Translation:
FromToVia
bocaza grande gueule bigmouth — one who talks too much