Overzicht
Spaans naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. confín:
  2. Wiktionary:


Spaans

Uitgebreide vertaling voor confín (Spaans) in het Nederlands

confín:

confín [el ~] zelfstandig naamwoord

  1. el confín (borde; margen; linde; )
    de rand; de zoom
    • rand [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • zoom [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor confín:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
rand almena; borde; confín; dobladillo; extremo; lado; linde; marco; margen; moldura; reborde borde; costado; encuadramiento; lateral; reborde; saliente
zoom almena; borde; confín; dobladillo; extremo; lado; linde; marco; margen; moldura; reborde

Synoniemen voor "confín":


Wiktionary: confín


Cross Translation:
FromToVia
confín limiet confine — limit
confín grens; uithoek confinslimite d’un pays, d’un territoire.