Spaans

Uitgebreide vertaling voor repugnancia (Spaans) in het Nederlands

repugnancia:

repugnancia [la ~] zelfstandig naamwoord

  1. la repugnancia (horror; espanto; susto; asco; terror)
    de gruwel; de verschrikking; iets wat afschuw opwekt
  2. la repugnancia (abominación; náuseas; hastío; horror; aversión)
    de weerzin; de walging; het afgrijzen; gruwen
    • weerzin [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • walging [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord
    • afgrijzen [het ~] zelfstandig naamwoord
    • gruwen [znw.] zelfstandig naamwoord
  3. la repugnancia (repulsión; asquerosidad)
    de afstotelijkheid
  4. la repugnancia (animadversión; aversión; disgusto; )
    de antipathie; de aversie; de afkeer; de tegenzin; de hekel; de weerzin
    • antipathie [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord
    • aversie [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord
    • afkeer [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • tegenzin [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • hekel [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • weerzin [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor repugnancia:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
afgrijzen abominación; aversión; hastío; horror; náuseas; repugnancia
afkeer animadversión; antipatía; asco; aversión; disgusto; repugnancia; repulsión odio
afstotelijkheid asquerosidad; repugnancia; repulsión
antipathie animadversión; antipatía; asco; aversión; disgusto; repugnancia; repulsión
aversie animadversión; antipatía; asco; aversión; disgusto; repugnancia; repulsión
gruwel asco; espanto; horror; repugnancia; susto; terror abominación; asco; atrocidad; crimen; delito; desmán
gruwen abominación; aversión; hastío; horror; náuseas; repugnancia
hekel animadversión; antipatía; asco; aversión; disgusto; repugnancia; repulsión
iets wat afschuw opwekt asco; espanto; horror; repugnancia; susto; terror
tegenzin animadversión; antipatía; asco; aversión; disgusto; repugnancia; repulsión
verschrikking asco; espanto; horror; repugnancia; susto; terror avinagrado; bromista; calamidad; cruces; inconveniente; pesada; sostenido; vejamen
walging abominación; aversión; hastío; horror; náuseas; repugnancia
weerzin abominación; animadversión; antipatía; asco; aversión; disgusto; hastío; horror; náuseas; repugnancia; repulsión
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
gruwen cagarse de miedo; estremecerse; horripilar; horripilarse; horrorizar; tener horror a; tiritar

Synoniemen voor "repugnancia":


Wiktionary: repugnancia

repugnancia
noun
  1. hevige afkeer
  2. vorm van onpasselijkheid die gepaard kan gaan met een neiging tot braken, als signaal van het lichaam dat er iets mis is of als reactie op iets onaangenaams
  3. sterke afkeer

Cross Translation:
FromToVia
repugnancia afkeer abhorrence — extreme aversion
repugnancia afschuw disgust — an intense dislike or repugnance
repugnancia tegenzin reluctance — unwillingness to do something
repugnancia hekel; walging; walg; griezel Abscheuregional, landschaftlich unterschiedliches Genus: eine starke Abneigung gegen jemanden oder etwas

Verwante vertalingen van repugnancia