Overzicht
Frans naar Engels:   Meer gegevens...
  1. accoudoir:
  2. Wiktionary:


Frans

Uitgebreide vertaling voor accoudoir (Frans) in het Engels

accoudoir:

accoudoir [le ~] zelfstandig naamwoord

  1. l'accoudoir (bras)
    the arm; the elbow-rest
    • arm [the ~] zelfstandig naamwoord
    • elbow-rest [the ~] zelfstandig naamwoord
  2. l'accoudoir (rampe d'escalier; balustrade; bras; main courante; barre d'appui)
    the banisters; the balustrade; the handrail; the handrails

Vertaal Matrix voor accoudoir:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
arm accoudoir; bras
balustrade accoudoir; balustrade; barre d'appui; bras; main courante; rampe d'escalier
banisters accoudoir; balustrade; barre d'appui; bras; main courante; rampe d'escalier balustrade; main courante; rampe
elbow-rest accoudoir; bras
handrail accoudoir; balustrade; barre d'appui; bras; main courante; rampe d'escalier
handrails accoudoir; balustrade; barre d'appui; bras; main courante; rampe d'escalier
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
arm armer; blinder; se cuirasser

Synoniemen voor "accoudoir":


Wiktionary: accoudoir

accoudoir
noun
  1. Partie horizontale sur le haut du dossier d'un siège où l'on s'accoude
  2. Bras d'un siège, sur lequel on repose les bras
accoudoir
noun
  1. part of a seat