Overzicht
Frans naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. bienheureux:
  2. bien heureux:
  3. Wiktionary:


Frans

Uitgebreide vertaling voor bienheureux (Frans) in het Nederlands

bienheureux:

bienheureux bijvoeglijk naamwoord

  1. bienheureux (heureux; enchanté)
    gelukzalig; zielsgelukkig; verrukt; zalig
  2. bienheureux (béni)
    gezegend; bedeeld; geschapen

Vertaal Matrix voor bienheureux:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
gelukzalig bienheureux; enchanté; heureux
geschapen bienheureux; béni créé; fait; ; réalisé; venu au monde
gezegend bienheureux; béni béni; estimé; loué
verrukt bienheureux; enchanté; heureux
zalig bienheureux; enchanté; heureux bien; bon; bonne; céleste; divin; divinement; délicat; délicieuse; délicieusement; délicieux; excellent; exquis; extrêmement bon; glorieusement; glorieux; glorifié; magnifique; ravissant; sacré; saint; saintement; savoureuse; savoureux; splendide; superbe; superbement
zielsgelukkig bienheureux; enchanté; heureux
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bedeeld bienheureux; béni

Synoniemen voor "bienheureux":


Wiktionary: bienheureux


Cross Translation:
FromToVia
bienheureux gelukkig; blij happy — enjoying peace, comfort, etc.; contented, joyous
bienheureux zalig seligReligion: himmlischer Wonnen teilhaftig

bien heureux:

bien heureux [le ~] zelfstandig naamwoord

  1. le bien heureux
    gelukkige bezit

Vertaal Matrix voor bien heureux:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
gelukkige bezit bien heureux