Overzicht
Frans naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. lépreux:
  2. Wiktionary:


Frans

Uitgebreide vertaling voor lépreux (Frans) in het Nederlands

lépreux:

lépreux bijvoeglijk naamwoord

  1. lépreux (lépreuse)
    lepreus; melaats

lépreux [le ~] zelfstandig naamwoord

  1. le lépreux (lépreuse)
    de melaatse; de lepralijder
  2. le lépreux (lépreuse)
    de melaatse; lepralijdster
  3. le lépreux
    de melaatsen; de lepralijders

Vertaal Matrix voor lépreux:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
lepralijder lépreuse; lépreux
lepralijders lépreux
lepralijdster lépreuse; lépreux
melaatse lépreuse; lépreux
melaatsen lépreux
Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
lepreus lépreuse; lépreux
melaats lépreuse; lépreux

Synoniemen voor "lépreux":


Wiktionary: lépreux

lépreux
noun
  1. (term, par substantivation) (term, personne) atteindre de la lèpre.

Cross Translation:
FromToVia
lépreux leproos; melaatse leper — person who has leprosy