Overzicht
Nederlands naar Duits:   Meer gegevens...
  1. ceintuur:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor ceintuur (Nederlands) in het Duits

ceintuur:

ceintuur [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord

  1. de ceintuur (gordel; riem)
    der Gürtel
    • Gürtel [der ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor ceintuur:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
Gürtel ceintuur; gordel; riem broekriem; gordel; gordelriem; lei; lijn; riem; teugel

Verwante woorden van "ceintuur":

  • ceinturen, ceintuurs, ceintuurtje, ceintuurtjes

Wiktionary: ceintuur


Cross Translation:
FromToVia
ceintuur Gürtel belt — band worn around the waist