Nederlands

Uitgebreide vertaling voor eenparig (Nederlands) in het Duits

eenparig:

eenparig bijvoeglijk naamwoord

  1. eenparig (unaniem; eensgezind; eenstemmig)
    einstimmig; geschlossen; einig; gemeinsam; gemeinschaftlich; gleichförmig; einhellig; solidarisch; einmütig; gleichgestimmt

Vertaal Matrix voor eenparig:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
geschlossen eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem afgesloten; besloten; dicht; eendrachtig; eensgezind; geloken; gesloten; harmonieus; ineensluitend; op slot; potdicht; privé; saamhorig; toe
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
einhellig eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem eendrachtig; eensgezind; harmonieus; saamhorig
einig eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem eendrachtig; eensgezind; gelijkgestemd; gelijkgezind; harmonieus; saamhorig
einmütig eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem eendrachtig; eensgezind; harmonieus; saamhorig
einstimmig eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem eendrachtig; eensgezind; gelijkgestemd; gelijkgezind; harmonieus; saamhorig
gemeinsam eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem algemeen; bij elkaar; bijeen; eendrachtig; eensgezind; gedeeld; gemeenschappelijk; gezamenlijk; harmonieus; meegevoeld; meer personen betreffend; met zijn allen; saamhorig; samen; solidair; tezamen
gemeinschaftlich eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem algemeen; eendrachtig; eensgezind; gedeeld; gemeenschappelijk; gezamenlijk; harmonieus; meegevoeld; meer personen betreffend; met zijn allen; saamhorig; solidair; tezamen
gleichförmig eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem analoog; conform; eender; eendrachtig; eensgezind; eenvormig; exact hetzelfde; geheel gelijk; gelijk; gelijkaardig; gelijkslachtig; gelijksoortig; gelijkvormig; harmonieus; hetzelfde; homogeen; identiek; net zo; op elkaar lijkend; overeenkomend; overeenstemmend; saamhorig; soortgelijk; uniform
gleichgestimmt eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem eendrachtig; eensgezind; gelijkgestemd; gelijkgezind; harmonieus; saamhorig; solidair
solidarisch eenparig; eensgezind; eenstemmig; unaniem eendrachtig; eensgezind; harmonieus; saamhorig; solidair

Verwante woorden van "eenparig":

  • eenparigheid, eenparige