Overzicht
Nederlands naar Engels:   Meer gegevens...
  1. appartementen:
  2. appartement:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor appartementen (Nederlands) in het Engels

appartementen:

appartementen [de ~] zelfstandig naamwoord, mv.

  1. de appartementen (flats)
    the apartments; the flats
    • apartments [the ~] zelfstandig naamwoord
    • flats [the ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor appartementen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
apartments appartementen; flats
flats appartementen; flats

Verwante woorden van "appartementen":


appartement:

appartement [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het appartement
    the apartment; the flat
    • apartment [the ~] zelfstandig naamwoord
    • flat [the ~] zelfstandig naamwoord
  2. het appartement
    the apartment; the condo; the tenement; the flat
    • apartment [the ~] zelfstandig naamwoord
    • condo [the ~] zelfstandig naamwoord
    • tenement [the ~] zelfstandig naamwoord
    • flat [the ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor appartement:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
apartment appartement etagewoning; flat
condo appartement flat
flat appartement afvlakken; etagewoning; flat; klapband; wad
tenement appartement flat
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
flat effen; egaal; flauwtjes; gelijk; geslepen; glad; mol; muf; onfris; oubakken; oud; oudbakken; plat; strak; toonloos; verschaald; vlak; vlakuit; zonder toon; zouteloos

Verwante woorden van "appartement":


Wiktionary: appartement

appartement
noun
  1. domicile occupying part of a building

Cross Translation:
FromToVia
appartement flat; apartment appartement — Ensemble de pièce formant une habitation indépendante dans un immeuble collectif.