Overzicht
Nederlands naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. hoorbaar:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor hoorbaar (Nederlands) in het Spaans

hoorbaar:

hoorbaar bijvoeglijk naamwoord

  1. hoorbaar (waarneembaar; herkenbaar; tastbaar; )
    perceptible; reconocible; visible

Vertaal Matrix voor hoorbaar:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
reconocible bemerkbaar; herkenbaar; hoorbaar; merkbaar; tastbaar; voelbaar; waarneembaar; zichtbaar detecteerbaar/kan worden gevonden; duidelijk; herkenbaar; onmiskenbaar
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
perceptible bemerkbaar; herkenbaar; hoorbaar; merkbaar; tastbaar; voelbaar; waarneembaar; zichtbaar aanraakbaar; concreet; duidelijk; grijpbaar; konkreet; stoffelijk; tastbaar; verneembaar; verstaanbaar; voelbaar
visible bemerkbaar; herkenbaar; hoorbaar; merkbaar; tastbaar; voelbaar; waarneembaar; zichtbaar leesbaar; te zien; zichtbaar

Verwante woorden van "hoorbaar":


Wiktionary: hoorbaar


Cross Translation:
FromToVia
hoorbaar audible; oíble audible — able to be heard
hoorbaar audible hörbarakustisch wahrnehmbar

Verwante vertalingen van hoorbaar