Overzicht
Nederlands naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. raakschot:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor raakschot (Nederlands) in het Spaans

raakschot:

raakschot [znw.] zelfstandig naamwoord

  1. raakschot (schot in de roos; hit; treffer)
    el hit; el éxito
    • hit [el ~] zelfstandig naamwoord
    • éxito [el ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor raakschot:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
hit hit; raakschot; schot in de roos; treffer aanrijding; bestseller; botsing; collisie; hit; kasstuk; klapper; kraker; schlager; succes; succesnummer; successtuk; topper; treffer
éxito hit; raakschot; schot in de roos; treffer arbeidsprestatie; bestseller; deur; gelukken; heil; hit; huisdeur; kasstuk; klapper; kraker; lukken; mazzel; meevaller; schlager; slagen; succes; succesnummer; successtuk; topper; treffer; voorspoed; voorspoedigheid; welslagen; welzijn; werkprestatie