Overzicht
Nederlands naar Frans:   Meer gegevens...
  1. peul:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor peul (Nederlands) in het Frans

peul:

peul [de ~] zelfstandig naamwoord

  1. de peul (schil; vel)
    la peau; la pelure; l'écorce; la cosse; la gousse
    • peau [la ~] zelfstandig naamwoord
    • pelure [la ~] zelfstandig naamwoord
    • écorce [la ~] zelfstandig naamwoord
    • cosse [la ~] zelfstandig naamwoord
    • gousse [la ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor peul:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
cosse peul; schil; vel
gousse peul; schil; vel peulvrucht
peau peul; schil; vel dun huidje; hachje; huid; membraan; omhulling; schaal; schelp; vel; velletje; vlies
pelure peul; schil; vel
écorce peul; schil; vel bast; boomschors; korst; korstje; kurk; omhulling; roof; schaal; schelp; schors; stukje schors; wondkorst

Verwante woorden van "peul":

  • peulen, peultje, peultjes

Wiktionary: peul

peul
noun
  1. langue utilisée dans beaucoup de pays de l’Afrique de l’Ouest.

Cross Translation:
FromToVia
peul légume legume — fruit or seed of leguminous plants
peul cosse pod — seed case