Nederlands

Uitgebreide synoniemen voor boek in het Nederlands

boek:

boek [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het boek
    het boek; de band
    • boek [het ~] zelfstandig naamwoord
    • band [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
  2. het boek
    – bedrukte bladen papier met een band eromheen 1
    het boek
    – bedrukte bladen papier met een band eromheen 1
    • boek [het ~] zelfstandig naamwoord
      • ken jij het boek van de Koran?1

Verwante woorden van "boek":


Verwante definities voor "boek":

  1. bedrukte bladen papier met een band eromheen1
    • ken jij het boek van de Koran?1

boeken:

boeken werkwoord (boek, boekt, boekte, boekten, geboekt)

  1. boeken
    boeken; noteren; vastleggen; registreren; opschrijven; optekenen
    • boeken werkwoord (boek, boekt, boekte, boekten, geboekt)
    • noteren werkwoord (noteer, noteert, noteerde, noteerden, genoteerd)
    • vastleggen werkwoord (leg vast, legt vast, legde vast, legden vast, vastgelegd)
    • registreren werkwoord (registreer, registreert, registreerde, registreerden, geregistreerd)
    • opschrijven werkwoord (schrijf op, schrijft op, schreef op, schreven op, opgeschreven)
    • optekenen werkwoord (teken op, tekent op, tekende op, tekenden op, opgetekend)
  2. boeken
    registreren; noteren; op schrift stellen; aantekenen; optekenen; boeken
    • registreren werkwoord (registreer, registreert, registreerde, registreerden, geregistreerd)
    • noteren werkwoord (noteer, noteert, noteerde, noteerden, genoteerd)
    • op schrift stellen werkwoord
    • aantekenen werkwoord (teken aan, tekent aan, tekende aan, tekenden aan, aangetekend)
    • optekenen werkwoord (teken op, tekent op, tekende op, tekenden op, opgetekend)
    • boeken werkwoord (boek, boekt, boekte, boekten, geboekt)
  3. boeken
    boeken
    • boeken werkwoord (boek, boekt, boekte, boekten, geboekt)

Conjugations for boeken:

o.t.t.
  1. boek
  2. boekt
  3. boekt
  4. boeken
  5. boeken
  6. boeken
o.v.t.
  1. boekte
  2. boekte
  3. boekte
  4. boekten
  5. boekten
  6. boekten
v.t.t.
  1. heb geboekt
  2. hebt geboekt
  3. heeft geboekt
  4. hebben geboekt
  5. hebben geboekt
  6. hebben geboekt
v.v.t.
  1. had geboekt
  2. had geboekt
  3. had geboekt
  4. hadden geboekt
  5. hadden geboekt
  6. hadden geboekt
o.t.t.t.
  1. zal boeken
  2. zult boeken
  3. zal boeken
  4. zullen boeken
  5. zullen boeken
  6. zullen boeken
o.v.t.t.
  1. zou boeken
  2. zou boeken
  3. zou boeken
  4. zouden boeken
  5. zouden boeken
  6. zouden boeken
en verder
  1. ben geboekt
  2. bent geboekt
  3. is geboekt
  4. zijn geboekt
  5. zijn geboekt
  6. zijn geboekt
diversen
  1. boek!
  2. boekt!
  3. geboekt
  4. boekend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

boeken [de ~] zelfstandig naamwoord, mv.

  1. de boeken
    de boeken; de romans
    • boeken [de ~] zelfstandig naamwoord, mv.
    • romans [de ~] zelfstandig naamwoord, mv.

Verwante woorden van "boeken":


Verwante synoniemen voor boek