Overzicht


Nederlands

Uitgebreide synoniemen voor kladders in het Nederlands

kladders:

kladders [znw.] zelfstandig naamwoord

  1. kladders
    de broddelaars; de knoeiers; kladders; de klieders
  2. kladders
    kladders; de vloeiblokken

Verwante woorden van "kladders":


kladders vorm van kladder:

kladder [znw.] zelfstandig naamwoord

  1. kladder
    de broddelaar; de knoeier; de klieder; kladder; de kladderaar
    • broddelaar [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • knoeier [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • klieder [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • kladder [znw.] zelfstandig naamwoord
    • kladderaar [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

Verwante woorden van "kladder":