Overzicht
Nederlands Synoniemen:   Meer gegevens...
  1. zomervakantie:


Nederlands

Uitgebreide synoniemen voor zomervakantie in het Nederlands

zomervakantie:

zomervakantie [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord

  1. de zomervakantie
    de zomervakantie; grote vakantie

Verwante woorden van "zomervakantie":

  • zomervakanties