Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. bit:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor bit (Nederlands) in het Zweeds

bit:

bit

  1. bit
    bit
    • bit [-en] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor bit:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bit bit aanbijten; breuk; breukgetal; brok; brokje; deel; eindje; fiche; fractie; fragmentje; gedeelte; groot en dik stuk; homp; klein stukje; klompje; klont; klonter; klontertje; klontje; knauw; moot; part; partje; plak; plakje; schijfje; snippertje; stuk; stukje; suikerklontje; tranche

Wiktionary: bit


Cross Translation:
FromToVia
bit bit bit — smallest unit of storage

Verwante vertalingen van bit